Voltooid leven

samenvatting

Volgens mevrouw P.A. Dijkstra, Tweede-Kamerlid voor D66, is er een lacune in de Wet toetsing levensbeëindiging (Wtl). Voor mensen met een ‘voltooid leven’ zou een wetswijziging noodzakelijk zijn. Eind januari 2020 zijn de resultaten van het PERSPECTIEF-onderzoek gepubliceerd dat deze problematiek in kaart moest brengen. Naast een groep bevoorrechte ouderen voor wie het leven niets moois meer heeft te bieden, blijkt er een groep minder bedeelden te bestaan die dood willen omdat hun leefomstandigheden ernstig te wensen overlaten.
De eerste groep is zó klein dat wetswijziging een onevenredig zwaar middel is, voor de tweede groep zijn maatregelen op sociaal-economisch en fiscaal terrein noodzakelijk.
Wanneer de door de Hoge Raad aangebrachte inperking van de Wtl zou vervallen (de eis dat het lijden moet worden veroorzaakt door “een medisch geclassificeerde ziekte of aandoening”), is er voldoende wettelijke ruimte.

inleiding

In december 2016 lanceerde mevrouw P.A. Dijkstra, Tweede-Kamerlid voor D66, een campagne die ze Waardig Levenseinde noemde. De problematiek die ze hiermee denkt op te lossen is inmiddels bekend geraakt als: voltooid leven. Ze stelde:

Ouderen die door hun hoge leeftijd vinden dat alles van waarde achter hen ligt en de toekomst hen niets meer brengt, kunnen dit ervaren als een verlies aan identiteit en persoonlijkheid. Ongeacht hoe hun omgeving hier over denkt. Als iemand dan voor zichzelf concludeert: mijn leven is voltooid, ik wil het zelf op een waardige manier beëindigen, dan zou die wens gerespecteerd moeten worden en er geen belemmeringen moeten worden opgeworpen.1

In woord en geschrift blijkt zij te doelen op een groep hoogopgeleide en goed formulerende bejaarden die een rijk gevuld leven achter de rug hebben en voor wie de toekomst in hun ogen te weinig vreugde- of zinvols heeft te bieden. Mevrouw Dijkstra is van mening dat mensen die in zo’n positie verkeren een einde aan hun leven moeten kunnen maken zonder tussenkomst van een arts. In plaats van laatstgenoemde discipline zou een levenseindebegeleider verzoeken moeten beoordelen en de gewenste dodelijke middelen verschaffen.

De voornemens van mevrouw Dijkstra roepen een aantal vragen op:
1. bestaat er inderdaad een groep mensen die hun dagen zat zijn, maar die vanwege het ontbreken van een medisch geclassificeerde ziekte of aandoening niet in aanmerking komen voor euthanasie of hulp bij zelfdoding onder de huidige wetgeving;
2. zo ja, hoe groot is die groep;
3. is er nieuwe wetgeving nodig om de evt. lacune te vullen.

huidige wetgeving

Bij vraag 1 past een korte toelichting over de huidige wetgeving en jurisprudentie.
Het Wetboek van Strafrecht (WvS) bepaalt in art 293, lid 22 dat een arts niet strafbaar is wanneer zij/hij voldoet aan de voorwaarden in art 2 van de Wet toetsing levensbeëindiging (Wtl)3. Naast een vrijwillig en weloverwogen verzoek van de patiënt eist deze Wtl dat er sprake is van uitzichtloos en ondraaglijk lijden. De wetgever heeft hier bewust een subjectieve component ingevoerd: het is aan de patiënt om vast te stellen dat diens lijden ondraaglijk is.

De Hoge Raad heeft hieraan toegevoegd dat de arts de ondraaglijkheid van het lijden invoelbaar moet vinden, een toevoeging waarover Britten zouden zeggen: leave well alone4. Met name bij persoonlijkheidsstoornissen kan dit invoelen uiterst moeilijk zijn. Helaas heeft de Raad in dezelfde zaak (het beroemde arrest-Brongersma) een ander, verderstrekkend criterium toegevoegd: het lijden van de patiënt moet berusten op een medisch geclassificeerde ziekte of aandoening. De Raad stelt hiermee dat er geen lijden is wanneer de geneeskunde er geen verklaring voor kan vinden. Dat is in filosofische zin onbegrijpelijk, en in de praktijk onbarmhartig. Terwijl de geneeskunde haar beperkingen onder ogen ziet en onderzoek doet naar Somatisch Onvoldoende verklaarde Lichamelijke Klachten (SOLK), laat de Hoge Raad deze patiënten in de kou staan.

mensen met een voltooid leven

Omdat mevrouw Dijkstra bleef aandringen en dreigde een wetsvoorstel in te dienen zonder dat er een duidelijk antwoord was op de twee eerste vragen is er een wetenschappelijk onderzoek geëntameerd, in opdracht van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS). De uitkomsten van dit PERSPECTIEF-onderzoek3 zijn gepubliceerd in dezelfde week dat wereldwijd de bevrijding werd herdacht van het jodenverdelgingskamp Auschwitz door troepen van de Sovjet-Unie. Vrouwe Historia heeft zo haar cynische grillen.
De centrale bevinding is dat er inderdaad een aanzienlijk aantal senioren bestaat met een persisterende doodswens (1,25% van de ondervraagde 55-plussers). Daarnaast valt op dat de wens niet continu aanwezig blijkt te zijn: bij driekwart van de mensen met een doodswens wisselt deze af met de wens om te leven. Voor wie bekend is met de kracht van de menselijke overlevingsinstincten is dit geen verbazende uitkomst.

Mensen met een doodswens kijken negatief terug op het eigen leven, gaan gebukt onder piekeren, het gevoel geen of weinig invloed te hebben op het eigen leven, eenzaamheid, geestelijke aftakeling, financiële problemen, het jaargetijde.
Bij ‘het jaargetijde’ wordt iedereen met enige kennis van geestelijke gezondheid alert. Depressie en stemmingsstoornissen zijn beruchte veroorzakers van doodsverlangen en gebrek aan levensvreugde. In de huidige euthanasie-praktijk vormen deze personen een aparte categorie voor wie diagnostiek en evt. behandeling noodzakelijk is.
Naast mevrouw Dijkstra’s doelgroep, die overigens de weg naar bijv. het Expertisecentrum Euthanasie (voorheen de Levenseindekliniek) goed weet te vinden, blijkt er een groep minder bevoorrechten te zijn die eerder last lijkt te hebben van de materiële omstandigheden waaronder zij moeten leven dan van het leven zelf. Moeten we voor deze mensen de Wtl aanpassen, of zijn hier maatregelen op sociaal-economisch en fiscaal terrein aangewezen? De vraag impliceert het antwoord.

om hoeveel mensen gaat het

De tweede vraag was hoeveel mensen met een doodswens zonder ernstige ziekte niet “geholpen” kunnen worden onder de huidige wetgeving. Ook deze vraag was onderdeel van het PERSPECTIEF-onderzoek. In het rapport zeggen de samenstellers:

Mensen die ‘ondraaglijk en uitzichtloos lijden met een medische grondslag’ zullen zichzelf waarschijnlijk als ernstig ziek bestempelen, en worden in dit onderzoek daarom uiteindelijk geëxcludeerd.

Zo lijkt het alsof alle wél ingesloten deelnemers niet voldoen aan de wettelijke criteria, en dat de cijfers dus een afdoende antwoord geven op vraag 2. Maar zoals de onderzoekers zelf ook signaleren lijden veel senioren aan zogeheten ouderdomskwalen die niet als ernstige ziekte worden ervaren en die op zich niet levensbedreigend of op termijn dodelijk zijn. Voorbeelden zijn artrose, slechthorendheid, slecht zien, botontkalking, evenwichtsproblemen, geestelijke achteruitgang en gebrek aan energie of uithoudingsvermogen. De beperkingen waarmee dergelijke kwalen op den duur gepaard gaan, vormt voor een aantal mensen reden om niet verder te willen leven. Denk aan een liefhebber van beeldende kunst of postzegels die bijna blind is geworden, een biljarter die de keu niet meer kan hanteren en daarmee zijn laatste sociale contacten verliest, de muziekfanaat die zo goed als doof is geworden, de vrouw die haar huis niet meer kan verlaten vanwege de combinatie gewrichtsproblemen en slecht zicht. Mensen die zo’n lot onverdraaglijk vinden vallen wel degelijk onder de criteria van de huidige wetgeving: er is immers sprake van een medisch te classificeren aandoening die verantwoordelijk is voor het lijden.
Het meetinstrumentarium van het PERSPECTIEF-onderzoek schiet dus tekort voor een scherp antwoord op vraag 2. Op pag. 155 erkent het rapport deze blinde vlek:

Evenmin staat vast dat de groep die geïncludeerd werd in dit onderzoek buiten de reikwijdte van de WTL valt.

Daarmee slaat de commissie de bodem weg onder de eigen berekening dat in Nederland 10.000 personen een doodswens zouden hebben die niet onder de Wtl valt. Gezien het vóórkomen van ouderdomskwalen bij ouderen (tientallen procenten per kwaal, alles bij elkaar ver boven 100%, als gevolg van het feit dat sommige mensen meer kwalen tegelijkertijd hebben) is het zeer onwaarschijnlijk dat het om substantiële aantallen patiënten gaat.

nieuwe wetgeving niet wenselijk

Daarmee blijft de derde vraag gerechtvaardigd, of het wetsvoorstel van mevrouw Dijkstra zinvol is. In 2016 heeft de commissie-Schnabel6 daarover al gesteld dat:

het niet wenselijk is om de huidige juridische mogelijkheden inzake hulp bij zelfdoding te verruimen. De adviescommissie komt tot dit oordeel mede in het licht van het functioneren van de huidige WTL, de ruimte die de huidige wet biedt om het merendeel van de ‘voltooid leven’-problematiek te ondervangen en de mogelijke onrust en onzekerheid die een voorstel tot wetswijziging en de daarop te verwachten discussie met zich mee zal brengen.

In besmuikte termen waarschuwen de heer Schnabel en zijn companen hier om onze zegeningen te tellen. Met de huidige wet heeft Nederland een baken van beschaving opgericht, maar de krachten die streven naar het verbieden van euthanasie (en abortus provocatus) blijven zich roeren. De World Medical Association, de mondiale koepel van alle artsenorganisaties, heeft nog in november 2019 een verklaring uitgegeven dat zij “firmly opposed to euthanasia and physician-assisted suicide” is.7

Zeker wanneer de Hoge Raad de wijsheid zou opbrengen om zijn inperking over medisch classificeerbare aandoeningen in te trekken, biedt de Wtl voldoende ruimte om elke aanvrager in Nederland van dienst te kunnen zijn.

ceterum censeo

De moderne geneeskunde heeft ons de middelen gegeven om levensbeëindiging op een humane manier te voltrekken. Wijlen Dr. P.V. Admiraal, anesthesioloog te Delft, verdient een standbeeld voor zijn pionierswerk op dit terrein.

– – – – – – – –

1 https://d66.nl/wet-voltooid-leven-pia-dijkstra/
2 https://wetten.overheid.nl/BWBR0001854/2020-01-01/#BoekTweede_TiteldeelXIX_Artikel293
3 https://wetten.overheid.nl/BWBR0012410/2020-01-01
4 https://uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ECLI:NL:HR:2002:AE8772
5 https://www.zonmw.nl/fileadmin/zonmw/documenten/Ouderen/Voltooid_Leven/Voltooid_Leven_Rapport.pdf
6 https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2016/02/04/rapport-adviescommissie-voltooid-leven
7 https://www.wma.net/policies-post/declaration-on-euthanasia-and-physician-assisted-suicide/

Geplaatst in geneeskunde, menselijk, mensenrechten | Getagged , , , , , , , , | 2 reacties

buiten woedt het



buiten woedt het, rammelt aan de luiken.
het stuwt de wereldzeeën.
binnen kent ons ons, heeft alles een vertrouwde plek,
slaat angstzweet, epateren volksmenners.


blinde geldstromen slurpen zuurstof weg,
de planeet komt er warmpjes bij te zitten.
met kleine stappen voor de mens
snelt de mensheid naar de kloten.


kinderen ontvluchten ouderlijk gezag, minachtend
wat wordt voorgeleefd: het wroeten met koppen
in het zand, miskennen van sylvestergas.
geeft hen geen blaam, maar toekomstvisie.


Geplaatst in kunst | Getagged , , , | Een reactie plaatsen

De sprookjes van Huff

Op 30 november 2019 publiceerde NRC een tractaat waarin schrijver Philip Huff de babyboomers kenmerkt als de meest egoïstische generatie,

zie een bijgewerkte versie op: https://www.nrc.nl/nieuws/2019/11/29/en-nu-zijn-wij-de-meest-egoistische-generatie-a3982187

Hij heeft er heel wat reacties mee losgemaakt, ook bij ondergetekende.

De punten van ongenoegen die de heer Huff opsomt – het neoliberalistische marktdenken, de bezuinigingen op de publieke sector, het privatiseren van delen daarvan, de klimaatcrisis – zijn goed invoelbaar en worden dan ook door velen gedeeld. Ook ik (geb. 1946) voel onbehagen over hypotheekrente-aftrek, het fiscaal ontzien van grote bedrijven, een denivellerende maatregel als BTW-verhoging. Maar er valt beslist te discussiëren over de door hem geponeerde grondslag, te weten een tegenstelling tussen generaties. Het lijkt de heer Huff te zijn ontgaan dat de sociale wetenschappen grotendeels zijn afgestapt van het cohort als verklaringsmodel voor groepsdynamica. In zijn denkkader is de volgende stelling een geldige: de enige babyboomer die in aanmerking leek te komen als minister-president is voortijdig uit de weg geruimd door iemand uit de Verloren Generatie. Need I say more?

Ook binnen zijn eigen gedachtengoed bevat Huffs betoog onnavolgbare kronkels. De zanger Scott McKenzie is van 1939, Bob Dylan van 1941. De voorlieden van Provo zijn op een enkeling na geboren voor of tijdens de Tweede Wereldoorlog.

Wie langer leeft, vergaart vanzelf meer bezit, dat komt later ten goede aan de volgende generatie.

De heer Huff stelt mijnheer F.W. Weisglas als voorbeeld van een verderfelijke boomer. Ironisch genoeg iemand die nog nooit in een spijkerbroek of bloemenhemd is gesignaleerd. Maar frappant genoeg is hij een betrouwbare representant van de welvarende en behoudende bovenklasse in ons land.

parlement.com

Bij uitstek iemand om Huffs ongenoegen vanuit een ander paradigma te beschouwen, dat van verschillen tussen standen, macht, kansen, leefstijlen en netwerken, en de onderlinge samenhang tussen deze factoren. Een multidimensioneel model dus, rijker en vooral vruchtbaarder dan plat cohortdenken. Met oog voor machten als Shell (“we zullen pompen tot de laatste druppel”), de rot in het overheidsapparaat, belastingparadijs Nederland, een verblinde minister-president (“we hebben geen haast”).

Een ernstige uitglijder van de heer Huff is zijn voorstel om de huidige parlementaire democratie aan te passen met een gewogen actief kiesrecht. Voor de wet zijn alle individuen gelijk. Morrelen aan dit principe brengt ons op een glijdend vlak. Waarom dan niet terug naar het censuskiesrecht (afgeschaft in 1917), weging op grond van IQ of EQ?

Het is al van vele kanten gesignaleerd dat het systeem van gedetailleerde regeerakkoorden ongewenste effecten heeft. Terwijl de wetgevende macht haar controle over de uitvoerende macht aan het verliezen is in de Staten-Generaal, lijkt haar invloed achter de schermen juist weer ongewenst groot. De intensieve wisselwerking tussen pers en parlement leidt tot hijgerig korte-termijnbeleid. De invloed van lobbyisten ondergraaft het zonder-last-of-ruggespraakprincipe. Parlementaire democratie en planeet zijn in crisis, maar marchanderen met de evenredige vertegenwoordiging biedt daartegen geen soelaas.

Dan moeten we eerder denken aan betere ondersteuning voor de Tweede Kamer, met onderzoekers die toegang tot de ambtelijke wereld hebben (dat recht is eind jaren ’90 geblokkeerd door de toenmalige minister-president, de heer W. Kok), een gereserveerdere opstelling ten opzichte van de media, en/of aan het instellen van burgerplatforms zoals bepleit door de heer van Reybrouck in zijn “Tegen verkiezingen”.
Net als de heer Huff heb ik haast, er is geen Planeet-B.

Geplaatst in politiek | Getagged , , , , , , , | Een reactie plaatsen

Achterhoedegevecht

In oktober zijn de stad Den Haag en de snelwegen eromheen twee maal geannexeerd geweest door Nederlandse boeren. Land-, tuinbouwers en veetelers zijn massaal en met groot materieel in actie gekomen om aandacht te vragen voor hun penibele positie.
Wie het nieuws volgt, beseft al jaren dat hun toestand niet houdbaar is. De publieke welwillendheid ten opzichte van de overlast verbaast dan ook niet.

De prijzen die grootschalige inkooporganisaties als Campina, Glencore, Codrico, Meneba en de supermarkten afdwingen liggen op een niveau waartegen een horige al lang in opstand zou zijn gekomen.

In vroeger tijden hielden akkerbouwers een klein deel van hun oogst achter om het zaad daarvan te gebruiken voor het volgende seizoen. Een moderne boer betrekt zijn zaaigoed van bedrijven als Monsanto, dat het heeft gemodificeerd tot muilezelstatus: het zaad is levensvatbaar maar kan zich niet voortplanten. De agrariër dient dus elk seizoen opnieuw zaaigoed af te nemen. En net als in de zorg en onderwijs is er een wolk van leveranciers die forse marges schrijft terwijl de sector zelf zieltoogt. Denk aan tractoren, bevloeiings- en spuitapparatuur, oogstmachines, materiaal en software voor klimaatbeheersing, gewasbeschermers (lees: gifstoffen), luchtwassers en wat dies meer zij.

De druppel die de emmer doet overlopen is kennelijk het stikstofprobleem. Maar het opnieuw sjoemelen met stikstofmaatregels is duidelijk niet een oplossing waarmee de boeren op termijn geholpen zijn. Het verzet hiertegen is een klassiek geval van een achterhoedegevecht:

men probeert een ontwikkeling te bestrijden die niet te keren valt. Onverwachte steun voor deze stelling leveren de politieke partijen die trappelend hun steun voor de boerenacties hebben uitgesproken. PVV en FvD vormen het reactionairste deel van ons politieke spectrum.

In NRC wees mevrouw Koen, hoogleraar aan de TIAS School van Tilburg, op de gigantische maatschappelijke kosten van intensieve landbouw. In de drie veeprovincies zijn de luchtkwaliteit en daarmee samenhangende gezondheidsproblemen bij mensen ernstiger dan in andere delen van het land, gecorrigeerd voor verkeer en roken. De teller van de Q-koortsepidemie – wereldwijd de grootste ooit – is de € 500 mln gepasseerd en loopt nog steeds. Grootschalige, nodeloze toediening van antibiotica aan vee veroorzaakt resistentie bij bacteriën die schadelijk zijn voor de mens, de bodem van het arsenaal aan antibiotica lijkt – nog geen eeuw na de introductie ervan – bereikt. Grond- en oppervlaktewater raken voor decennia verontreinigd door nitraat en bestrijdingsgiffen.

[https://www.nrc.nl/nieuws/2019/10/16/wat-intensieve-landbouw-ons-echt-kost-a3977016]

Leerzaam was het bezoekje dat een aantal boeren bracht aan het RIVM. Het instituut dat internationaal in hoog aanzien staat en dat al decennia gezaghebbende gegevens levert, blijkt plotseling een onbetrouwbare broddelaar geworden. Als de feiten je niet zinnen, stel je de wetenschap ter discussie.

Een onbedoeld neveneffect van de acties is het inkijkje in bestuurlijk Nederland. In Leeuwarden verslikte een gedeputeerde zich bijna in zijn haast om zijn provincie terug te trekken uit de beleidsafspraak tussen de provincies en de minister. Drente, Overijssel en Gelderland leken weinig nodig te hebben om dit voorbeeld van slappe knieën te volgen. De CdK van Groningen hield samen met zijn gedeputeerden braef stand: ‘Het is een groot misverstand dat je door geweld of dreigen met geweld makkelijker je zin kunt krijgen … Zo hoort het niet te gaan in een democratie. Zo hoort het niet te gaan in een rechtsstaat.’

https://nos.nl/artikel/2306147-monumentale-deur-uit-provinciehuis-breken-is-een-grens-overschrijden.html

De Staten trotseerden zelfs het forceren van hun poorten.

De waarnemend burgemeester van Den Haag hield vast aan het verbod op demonstreren op het Binnenhof. Deze mannen van stavast verdienden steun en loftuitingen van regering en volksvertegenwoordiging voor hun onversaagde verdedigen van de democratie. Stilzwijgen was hun deel. Een premier wiens knuistjes bij andere gelegenheden jeuken om onverlaten persoonlijk in elkaar te slaan, hield de kaken op elkaar. Kennelijk hebben geweld en dreigen met geweld wel degelijk effect op een aantal hoogwaardigheidsbekleders.

Maar de boeren zouden er beter aan doen hun belangenbehartigers (LTO) op het goede spoor te zetten en zelf het voorbeeld te geven door bijv. de distributiecentra van Albert Heijn en Jumbo met een tractoroptocht te vereren.

In een eerdere versie heb ik ten onrechte RIVM en KNMI over één kam geschoren.

Geplaatst in politiek | Een reactie plaatsen

Zomerse aanrader

Textiel Biënnale Rijswijk

Een pareltje in oud-Rijswijk is het Tollenshuis. Voordat Hendrik het in 1846 ging bewonen, stond het bekend als buitenplaats Ottoburch. Sinds 1959 is het Rijswijks Museum er gevestigd, klein, sfeervol en ambitieus. Dankzij een royale uitbouw zijn exposities van kaliber mogelijk. De Biënnales (afwisselend papier en textiel) staan dik gemarkeerd in de agenda’s van de liefhebbers. Dit jaar is de beurt aan textiel.

In de grote zaal van de uitbouw wordt de bezoeker meteen aangekeken door een paar enorme ogen waaruit nog grotere tranen biggelen. Echt Smyrnaknoopwerk van Marianne Thoermer Minstens zo knap gedaan als ‘het zigeunermeisje’, en met ongeveer dezelfde diepgang.

Wie vervolgens ronddraait om de hele zaal in ogenschouw te nemen staat treft Rejoice aan, van Lawrence James Bailey, een bijna apocalyptisch doek. Een paar verlaten sneakers, wat lege blikjes, wimpels ten prooi aan een gure wind, een hoogspanningsnet dat is verworden tot spinneweb. De bijbelse titel onderstreept dat het Bailey ernst is met de klimaat- en andere crises. https://www.instagram.com/lawjamba/ en: http://lawrencejamesbailey.blogspot.com/

Even verderop hangt ‘Poseidon’s Garden’ van Elizabeth Fram, een zesluik in gemengde techniek met een aangenaam ogende kleurstelling, compositie en vormen. Poseidon was bij de Oude grieken de god van de zee en de wateren. Het is zo’n werk waarnaar je eindeloos kunt kijken. Er zijn de aangename pastelkleuren, de compositie die expliciteit (zes overduidelijk gemarkeerde banen) paart aan vrij associëren (behalve wat visachtige structuren is alles abstract). De motieven van verschillende banen lopen door in de naastgelegene, maar dan in andere kleurstelling. Een schoolvoorbeeld hoe eenzelfde thema op zeer uiteenlopende manieren kan worden ingevuld. https://elizabethfram.com

Schuin daartegenover hangen zes delicaat geweven stroken van Bhakti Ziek die samen de titel Sisyphus dragen. Klassieke Jacquardtechniek met katoen, zijde en metaaldraad die zo nauwkeurig is uitgevoerd dat het machinaal lijkt. De titel suggereert dat schoonheid niet kan ontstaan zonder toegewijde arbeid. Het metaaldraad geeft een aantal doeken een chique uitstraling, alsof er edelmetaal is verwerkt. https://bhaktiziek.com/

In een van de bovenzalen van het eigenlijke Tollenshuis zijn geestig bewerkte bankbiljetten te zien. Met een paar simpele borduursteken accentueert Noora Schroderus de bijna grenzeloze ijdelheid van de afgebeelde machthebbers. De kijker kan een brede glimlach niet onderdrukken. http://www.nooraschroderus.com/

David B. Smith maakt gebruik van digitaal geweven katoen en andersoortige draden met variaties in drie dimensies. Hij vervormt patronen Sommige van zijn werken lijken op banden van Moebius, zonder begin of einde. Zijn driedimensionale Golden Bear springt in het oog. Een buitelen en stulpen van zacht weefsel dat bij het lezen van de titel plots een dreigende uitstraling krijgt. http://www.thedavidsmith.com/

Kristine Fornes weet met eenvoudige middelen een verlaten, desolate sfeer op te roepen. Haar doeken, je kunt het beter lappen noemen, zijn bescheiden van formaat, maar trekken onweerstaanbaar de aandacht. De interactie tussen afbeelding en ondergrond is subtiel en krachtig tegelijk. Geen mens te zien, maar de sfeer van eenzaamheid en troosteloosheid is onmiskenbaar. Het menselijk tekort op klemmende wijze gevisualiseerd. http://www.kristinefornes.no/index.html

Het fascinerende van beide biënnales vind ik de enorme verscheidenheid aan technieken en uitdrukkingsvormen. Weven, breien, vlechten, borduren, naaien, stikken, appliceren of gewoon met houtskool op een laken. Technische hoogstandjes met computergestuurd driedimensionaal rondbreiwerk tegenover werken met naald en draad. De vindingrijkheid spat ervan af en alleen dat al maakt vrolijk. De binnentuin is een oase waar het goed koffie drinken of lunchen is.

De tentoonstelling loopt t/m 6 oktober.
http://www.museumrijswijk.nl/tentoonstelling/rijswijk-textiel-biennale-2019-92

Geplaatst in Uncategorized | Getagged , , , | 4 reacties

Jan Banning

Oog in oog met de Troostmeisjes van Jan Banning besef je pas goed hoe loos hun benaming is. In de Tweede Wereld Oorlog verschafte de Japanse krijgsmacht haar strijders een uitlaatklep voor hun seksuele behoeften door hen jonge vrouwen en meisjes ter beschikking te stellen. Deze werden weggesleurd uit bezette gebieden en in gevangenschap gehouden. Naast hun seksuele nood reageerden de mannen ook hun trauma’s af. Wie zich de taferelen voorstelt, beseft dat de term “troostmeisjes” een verbijsterend, schandelijk eufemisme is. Bij het zien van Bannings portretten kermt de ziel. De oogopslag van de inmiddels hoogbejaarde vrouwen weerspiegelt een  levenslang gedragen leed. De toeschouwer wil wegkijken, omdraaien en zich uit de voeten maken. Maar de blik der vrouwen houdt hem/haar vast. ‘Kijk me aan. Onderga me. Ik heb ermee moeten leven. Erken me.’
Banning heeft de vrouwen kunnen vinden dankzij Hilde Jansen, journalist en antropoloog, die twee jaar lang op speurtocht is geweest.

Ook bij de andere onderdelen van de tentoonstelling in het Haags Foto Museum vergen de emotioneel beladen onderwerpen het oog van een onthechte dokter om de technische perfectie van Bannings werk te savoureren. De formaten en beeldverhoudingen zijn stuk voor stuk in volkomen harmonie met het afgebeelde. Belichting, scherptediepte, compositie, kleur, schakeringen, het is allemaal weergaloos.

Een andere aangrijpende serie is Bureaucratics. De toeschouwer krijgt beklemmende taferelen voorgeschoteld van beambten in hun werkruimte, omringd door onafzienbare en onoverzichtelijke stapels mappen en formulieren. Het valt te betwijfelen of er iemand wegwijs in is. Alle geportretteerden stralen ambtelijke en ambachtelijke trots uit, ze stáán voor hun werk, ze zullen het tot en met hun laatste werkdag met grote toewijding blijven doen. De houten bureaus, de gammele kasten, de bladderende verf bieden de verraderlijke illusie dat geavanceerde computersystemen de mensheid hebben verlost van deze zinledigheid, quod in aeternitate non. Onontkoombaar bekruipt de toeschouwer de vraag naar de zin van diens eigen eigen bezigheden.

In Red Utopia laat Banning zien hoe ideologisch gedachtengoed zich tegen alle historische ontwikkelingen in weet te handhaven. Rode vlaggen, hamer-en-sikkelbanieren, rijtjes koppen van Marx, Engels, Lenin, Stalin, Mao, er zijn nog steeds mensen die daar inspiratie aan ontlenen. De schamele omstandigheden onderstrepen hoe deze gelovigen gemarginaliseerd zijn geraakt. Hoe zal het aanhangers van andere utopieën vergaan? Het monotheïsme, het eind van de geschiedenis, de metafysica, het neoliberalisme? Will mankind ever learn?

De tentoonstelling is een retrospectief op Bannings hele oeuvre. De serie Law and Order geeft een inkijk in politie-optredens, rechtbanken en gevangenissen op vier continenten. Op Cyprus staat een vliegveld in de mottenballen, verkommerende auto’s met nog geen 60 km op hun tellers. Het oplaaien van een eeuwenoude burenruzie heeft geleid tot een gedemilitariseerde zone: The Green Line. En dan is er de serie The Sweating Subject waarin de fotograaf zelf figureert tussen Ghanese stamhoofden met hun hofhouding. De heren – het zijn uitsluitend mannen – hebben zich in vol ornaat opgesteld en lijken hem, als enige roze, volledig te accepteren. Ook hijzelf poseert als vanzelfsprekend en kijkt onvervaard de lens in. Terwijl Banning zelf zegt de koloniale fotografie te parodiëren heeft de oorspronkelijke opdrachtgever, Noorderlicht|Huis van de Fotografie, zich van de foto’s gedistantieerd, o.a. omdat Het Westerse beeld van Afrika is bepaald door een blik op het continent, die, hoe je het ook wendt of keert, nog steeds beïnvloed wordt door de visuele koloniale tradities. Met het project The Sweating Subject wordt deze beeldvorming gecontinueerd en gaat daarmee in tegen de intentie van ons project. Zo simpel is het.”

Sporen van Oorlog lijkt de mannelijke pendant van de Troostmeisjes. Krijgsgevangenen, romoesja’s (arbeiders uit vooral Thailand en Java), dwangarbeiders uit Birma en Maleisië werden ingezet bij de aanleg van de beruchte Birma- en de Pakan Baroe-spoorlijnen. Tijdens de 16 maanden die het aanleggen van de Birmaspoorlijn vergde, stierven elke dag gemiddeld 75 arbeiders. Van de 26.000 mensen die aan de Pakan Baroelijn werkten, stierf meer dan de helft. Banning fotografeert hen zoals ze moesten werken: met ontbloot bovenlichaam. De combinatie van geteisterde torso’s en uitgedoofde blikken is huiveringwekkend. Jans vader Frans is één van de geportretteerden.

Hoever gaat de macht van de mens?
Jan Banning Retrospectief 1981 – 2018.
Fotomuseum Den Haag t/m 2 september 2018.

 

Zie ook:
http://www.janbanning.com
https://www.fotomuseumdenhaag.nl/nl/tentoonstellingen/jan-banning

Geplaatst in kunst, menselijk, politiek | Getagged , , , , | 3 reacties

Sticky Business

DE VERLEIDING VAN SUIKER IN DE KUNST

Het Stedelijk Museum Schiedam biedt een verrassende tentoonstelling over suiker in de kunst. Suiker staat vooral bekend als zoetstof en dikmaker, maar het blijkt ook een dankbare grondstof voor kunst.

De eerste blik valt op een berglandschap van suiker in suikerzoete kleuren, van Pip & Pop. Zo hoort luilekkerland eruit te zien! Net als bij een aantal andere objecten loopt het water je hier in de mond. Na deze intro gaat het verlekkerd verder.
Van Joseph Marr zijn standbeelden te zien uit met cola of drop vermengde suiker. Hij verbeeldt mensen na een extatische ervaring. Hij maakt ze van 9 meter lengte, in Schiedam hebben de figuren een schaalgrootte van 50%. Heel, heel langzaam smelten ze, de suiker druipt er als dikke stroop vanaf, langs de sokkel.
Een film van Bompas & Parr toont naakte billen die op een taart gaan zitten en zich weer verheffen. Volgens de informatie zou dit sploshing een nieuwe trend zijn op feestjes. Ronde, vrouwelijke billen op een pastelkleurige moussetaart maken een harmonieuze indruk, sterk behaarde mannenbillen midden op een slagroomtaart is andere koek.
Er is een filmpje van twee oosterse mannen die witte en zwarte strengen suiker van ongeveer een centimeter dikte samenvoegen tot een cilinder die uiteindelijk tien centimeter in doorsnee is. Als een soort reuze-sushi. Vervolgens snoeren ze die in en knijpen hem uit uit tot streng van een halve centimeter doorsnee. Deze streng wordt in razend tempo tot plakjes van een halve centimeter gesneden en levert dan snoepjes op met een panda-gezichtje. In de jaren ’60 heb ik bij een bekend zoetwarenbedrijf een machine gezien die een roze bonk zoetigheid van veertig centimeter doorsnee uitwalste tot eenzelfde dunne streng waarvan op mitrailleursnelheid zuurtjes werden afgesneden. Feest der herkenning.

In delen van de wereld is makkelijker aan cola te komen dan aan goed drinkwater. Helmut Smits illustreert dit schrijnend met een destilleerapparaat dat water uit cola laat verdampen. Vermoedelijk het enige destilleerapparaat dat in Schiedam nog in bedrijf is. Verderop druipt bijenwas van het plafond en vormt stalagmieten die op den duur onder hun eigen gewicht bezwijken. Jonas Etter heeft een abstract schilderij gemaakt van bruin gekleurde suiker. Ook hier druipt het materiaal traag langs de muur en over de glanzende tegels die erbij horen.

In een andere zaal een film over feedees en feeders. Vrouwen worden letterlijk vetgemest door een partner. De, veelal jonge, dames schudden met hun kennelijk verleidelijke buikpartijen. Gewichten van meer dan 200 kilo zijn normaal in deze wereld, het gaat zo ver dat de vrouwen zich niet meer kunnen verplaatsen. Een vrouw laat zich als een gans voeden met een slang aan een trechter.

Van onverwachte schoonheid is het werk dat studenten van de Design Academy Eindhoven hebben gemaakt. Hun docente, Marije Vogelzang, hoofd van de afdeling Man and Food, heeft als gastconservator de hele tentoonstelling samengesteld. Ook van haar is werk te zien, een serie revolvers in winegum-achtige uitvoering. De studenten experimenteren met dunne vellen die er uit zien als exotische papiersoorten, of grove vezelstructuren die als schering en inslag zijn geweven en sprekend op antieke grafgiften lijken. Allemaal suiker!

In alle zalen hangen groepen consoles aan de wanden. Daarop zijn snoepjes uit de hele wereld uitgestald, modaks uit India, piñata uit Mexico, ma’amoul uit het midden-oosten, baard van de draak uit China, bacio uit Italië, neuzeke uit België, kamelenballen uit de Verenigde Staten.

Bij de uitgang hangt een bord waarop bezoekers hun indrukken kunnen vermelden. We troffen het nevenstaande aan.

TOT EN MET 18 FEBRUARI 2018

 

 

Het museum is ondergebracht in een pand met een lange geschiedenis. Het Sint Jacobs Gasthuis voor arme bejaarden (vanaf 40 jaar!) en zieken is gesticht tussen 1262 en 1272. In de jaren ’80 van de achttiende eeuw is het gesloopt en vervangen door nieuwbouw naar een ontwerp van Jan Giudici. Sinds 1940 is het Stedelijk Museum Schiedam er gevestigd. Een succesvolle renovatie in de jaren ’00 van de eenentwintigste eeuw combineert de eerbiedwaardige elementen in de centrale kapel met vrolijke ornamenten. De ruimte van zeker 20 m hoog imponeert als een huiskamer.

Geplaatst in kunst, menselijk | Getagged , , , , , , | 2 reacties

Loving Vincent

Vincent van Gogh ondertekende de talrijke brieven aan zijn broer Theo met “t. à t.”, Frans voor “geheel de Uwe”. In de titel van de animatiefilm over zijn leven is dit geraffineerd weergegeven als “Loving Vincent”. Door het “your” weg te laten ontstaat enerzijds een wijds uitnodigend gebaar “ga van hem houden”, anderzijds een gemeenschappelijkheid “we houden toch allemaal van hem” en “wat betekent het om van hem te houden”. De film is onvoorstelbaar goed. 

Wat is het teekenen? Hoe komt men er? ’t Is een zich heenwerken door een onzichtbaren, ijzeren muur, die schijnt te staan tusschen wat men voelt en wat men kan. Hoe moet men door dien muur heen komen – daar ertegen beuken niets helpt – men moet dien muur ondermijnen en doorvijlen, langzaam en met geduld mijns inziens … het groote is niet iets toevalligs, het moet wel degelijk gewild worden.

Allereerst de animaties. Die zijn adembenemend. Van Goghs karakteristieke kwastvoering is met de hand toegepast in 65.000 frames. Het begint al met het openingsshot, een beeld van de zon, die door uitzoomen een tunnel van licht lijkt te worden. De toeschouwer wordt met oog en al naar binnen gezogen. De camera dwaalt verder, door een dorpje met inkijkjes en taferelen waarin de afficionado moeiteloos diverse doeken van de meester terugziet. De finesse van de klassieke animaties uit de Walt Disneystudio wordt voortgezet met supermoderne 3D-computergraphics. De makers hebben er vier jaar over gedaan om de techniek te perfectioneren, daarna zijn 100 (honderd!) schilders twee jaar bezig geweest om de frames te bewerken.
Het resultaat is dat de bezoeker een film lang naar een levend doek van Vincent zit te kijken.

Als tweede het substraat. Van Gogh’s levensloop is inmiddels uitvoerig onderzocht en gereconstrueerd. De makers hebben zich grondig gedocumenteerd. We krijgen een rijkdom aan biografische en schildertechnische details voorgeschoteld. Cruciale gebeurtenissen worden door meerdere tijdgenoten, en dus met verschillende invalshoeken, belicht.

En ten derde het verhaal. De film ontrolt zich als een spannende detective. De beroemde postbode uit Arles, Joseph Roulin, stuurt zijn nukkige zoon Armand naar Parijs. Die moet een als onbestelbaar geretourneerde brief van Vincent alsnog bezorgen bij diens broer Theo. Het tweede onderdeel van zijn missie is uitzoeken wat er precies is voorgevallen. In Parijs krijgt Armand te horen dat Theo kort na het overlijden van Vincent zelf is bezweken. Armand besluit naar Auvers-sur-Oise te gaan en spreekt daar met alle personen met wie Vincent in contact is geweest. Die geven elk hun versie van de gebeurtenissen, ze spreken elkaar soms tegen of stellen een andere getuigenis in kwaad daglicht. Tegelijk met de ravissante animaties en de degelijke onderbouwing zit je naar een spannende who-dunnit te kijken. Het is werkelijk een feest.

Een prachtig monument voor de kunstenaar die in vier jaar tijd vierhonderd werken produceerde, waarvan er drie verkocht werden, en die pas na zijn dood als baanbreker werd erkend. Het tragische motto van de film is weergegeven in Vincents eigen woorden, zie het eerste kader.

Wat ben ik in ’t oog van de meesten – een nulliteit of een zonderling, of een onaangenaam mens – iemand die in de maatschappij geen positie heeft of hebben zal, enfin, wat minder dan de minsten. Goed – gesteld dat alles ware precies zo, dan zou ik door mijn werk eens willen tonen wat er zit in ’t hart van zo’n zonderling, van zo’n niemand.

regie: Dorota Kobiela & Hugh Welchman

productie: Hugh Welchman, Sean Bobbitt & Ivan Mactaggart

Overweeg je een bezoek, bekijk de trailer

http://lovingvincent.com/

Nagenieten kan door een kijkje achter de schermen:

https://www.youtube.com/watch?v=eOtwJL4iV8s

In het Noordbrabants Museum loopt een tentoonstelling over het maakproces, t/m 28 januari 2018. Ze laten in Den Bosch ook tien schilderijen uit zijn Nuenense periode zien, eigen collectie.

Geplaatst in kunst, menselijk | Getagged , , , | Een reactie plaatsen

Het parlementaire jaar

De barbecue waarmee het parlementaire jaar op 6 juli j.l. voor de veertigste keer is afgesloten, zeurt nog na in de maagstreek. De vleessector, die dit uitje organiseert, heeft er goud mee in handen. Wanneer leden van Eerste en Tweede Kamer, bewindslieden én de pers zich en masse vertonen, heb je geen woorden meer nodig. Hoe salonfähig wil je het hebben?

Bij zo’n gezellig evenement valt doorvragen meteen als sfeerbedervend uit de toon. Overmatig toedienen van antibiotica en hormonen, ecologische voetafdruk, kwaliteit van leven voor dieren, het zijn ongemakkelijke onderwerpen die dissoneren bij het ontspannen begin van een welverdiende vakantie. En dan is de vraag of er niet al genoeg dieren verbrand worden in hun eigen stallen nog niet eens aan de orde gekomen.

Maar ook de opening van het jaar geeft onweldadige gevoelens.

Voor de tiende keer spelen politici en journalisten een potje voetbal op Het Plein. Voor en na de wedstrijd gaan ze broederlijk op de foto. Hoezo, kritisch volgen? We hebben het toch gezellig samen? Na afloop krijgt Frits Wester de meeste microfoons op zich gericht. Voormalig spindokter voor het CDA, vertegenwoordigt bij uitstek de onwenselijke verwevenheid tussen politiek en pers. De man die er prat op gaat dat hij de miljarden-nota voortijdig naar buiten weet te brengen. Welk doel dient deze jaar in jaar uit herhaalde actie? Hebben we er een alerter functionerend parlement mee gekregen, een beter geïnformeerde bevolking? Nu gedetailleerde regeerakkoorden het parlement praktisch monddood hebben gemaakt, zijn echte luizen in de pels essentieel voor het kritisch volgen van de uitvoerende macht. We missen hen node.

En dan Prinsjesdag.

Nederland is lang voorop gegaan in de strijd tegen vorsten en andere absolute machthebbers. Op 26 juli 1581 is in Den Haag het Plakkaat van Verlatinghe ondertekend. Het was een bevestiging van het besluit, vier dagen eerder, der Staten-Generaal van de Nederlanden om Filips II af te zetten. Dit document wordt wel beschouwd als de eerste en meteen toonaangevende onafhankelijkheidsverklaring. Veel elementen eruit zijn terug te vinden in die van de Verenigde Staten van Amerika (1776). In 1588 is met de Corte Vertooninghe de Republiek der Verenigde Nederlanden definitief gevestigd.

Het is een grimmige gril van de geschiedenis dat anno 2017 het parlementaire jaar wordt geopend met een praaltocht van een niet-gekozen staatshoofd en diens naasten. Tijdens deze tocht door Den Haag worden zij toegejuicht door een met oranje uitgedoste menigte die alle besef van verhouding lijkt te hebben verloren. De “verjaardag” van de parlementaire democratie wordt gevierd door het toejuichen van een monarch. Je hoeft geen republikein te zijn om je hierover te verwonderen.

.

Geplaatst in politiek | Getagged , , , , | Een reactie plaatsen

Wilhelmus en Wilhelmus-les

Je zult toch republikein zijn, en seculier of niet gelovend in god met een hoofdletter. En schoolgaand, of schoolgaande kinderen hebben. En in Nederland woonachtig zijn. Dan krijg je anno 2017 de sterke behoefte om uit te burgeren.

Een gerenommeerd leider van een vooraanstaande politieke partij heeft het voorstel gedaan dat schoolkinderen voortaan de dag beginnen door staand het Wilhelmus te zingen. Volgens een lek tijdens de formatie-onderhandelingen ligt er een compromis-voorstel dat de kinderen niet hoeven te zingen, maar “Wilhelmus-les” krijgen. Maar als het goed is, leren ze in de geschiedenislessen al dat de melodie afkomstig is van O la folle entreprise du prince de Condé , in 1568 ontstaan bij het beleg van Chartres door de Hugenoten, en dat het later van een Nederlandse tekst is voorzien. Naar iedereen elkaar nazegt is dat gedaan door Marnix van St Aldegonde (1540-1598), maar Petrus Datheen (1531?-1588) komt evenzeer in aanmerking als auteur. Als het goed is, leren ze ook dat “Wien Neêrlandsch bloed door d’aderen vloeit, Van vreemde smetten vrij” tot 1932 het officiële volkslied was. In ’32 liepen de rooms-katholieken te hoop tegen invoering van het Wilhelmus, omdat het een Geuzen-lied zou zijn. Het Wilhelmus is pas breed geaccepteerd geraakt tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het toenmalige staatshoofd had met een tactische manoeuvre haar rijk en onderdanen achter zich gelaten en sprak deze laatsten bemoedigend toe vanuit Londen. Steeds werd na haar radio-toespraken het Wilhelmus ten gehore gebracht. Bij ontstentenis van een ander bindend symbool kristalliseerden alle anti-bezettersgevoelens zich rond deze ontoepasselijke tekst.

Het is te triest voor woorden dat politici van gevestigde partijen zich gedwongen voelen om mee te waaien met het geroeptoeter van een extreem-rechtse leider. Áls er al een noodzaak is om Nederlanders met een migratie-achtergrond nauwere banden te laten ervaren, dan zijn er wel andere manieren te bedenken.

Terwijl de Nederlandse minister-president zijn werk liet liggen om campagne te voeren voor de Tweede-Kamerverkiezingen, ontzegde hij Turkse hoogwaardigheidsbekleders het recht om iets vergelijkbaars te doen. Dat de Turkse president een zeer ondemocratische koers vaart, staat buiten kijf. Maar als inwoner van dit land heb ik met kromme tenen toe moeten kijken hoe een minister van een bevriende natie een inreisverbod kreeg en hoe een andere minister met kop en kont het land werd uitgezet. Nederlandse politici kunnen zichzelf beter de vraag stellen waarom Nederlanders met een Turske migratie-achtergrond zich zo betrokken voelen bij het wel en politieke wee in Turkije dan zich te focussen op symptomen.

Wanneer er in de Bible-belt een uitbraak is van poliomyelitis, halen weldenkende mensen hun schouders op over wat ze noemen de kortzichtigheid van gelovigen. In het ergste geval maken ze zich zorgen over de vraag of hun eigen kinderen nog wel voldoende beschermd zijn. Immers, bij een dalende vaccinatiegraad loopt de zogenoemde kuddebescherming gevaar. Maar wanneer de naam Allah valt bij een aanslag, wordt iedereen die mogelijk moslim is, ter verantwoording geroepen.

Als eerste. Vraag de Dichter des Vaderlands een nieuwe tekst te schrijven voor wat nu doorgaat als “volkslied”. De passages over Prinse van Oranje, Duitsen bloed, Schild ende betrouwen zijn niet alleen gedateerd, maar vooral gênant. De gedragen melodie daarentegen leent zich uitstekend voor volle stadions, dodenherdenkingen en vergelijkbare gelegenheden.

Verder. Verplicht anonimiseren bij sollicitaties. Stel quota vast waaraan werkgevers zich dienen te houden, neem daarbij ook het geslacht mee. En leg de overheid een zware boete op wanneer zij zich daar zelf niet aan houdt. [Bij de gehandicapten bleef de overheid steken op 55% van de doelstelling, terwijl het bedrijfsleven tot 135% is gekomen 2.]

1 zie http://historiek.net/wilhelmus-geschiedenis-volkslied-nederland/67968/

2 zie http://www.vgn.nl/artikel/25648

Geplaatst in mensenrechten, politiek | Getagged , , , , , , , , | Een reactie plaatsen